Uitspraak
gevestigd te [vestigingsplaats],
gevestigd te Arnhem,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
13 oktober 2017.
Hoge Raad
In deze zaak vordert eiseres schadevergoeding voor beschadiging van een oliedrukkabel die door een dekschuit is geraakt. Eiseres is niet de eigenaar van de kabel, maar stelt dat zij als netbeheerder aanspraak kan maken op vergoeding. De rechtbanken en het gerechtshof hebben haar vordering afgewezen.
Eiseres stelt in cassatie dat zij wel recht heeft op vergoeding en dat de verjaring van haar vordering tijdig is gestuit. De Hoge Raad verwijst naar eerdere uitspraken en bevestigt dat de verjaring niet tijdig is gestuit en dat eiseres geen eigenaar is van de kabel, waardoor zij geen recht op schadevergoeding heeft.
De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en veroordeelt eiseres in de kosten van het geding. Dit arrest bevestigt de eerdere beslissingen van lagere instanties en verduidelijkt de toepassing van art. 8:1002 BW Pro en art. 81 lid 1 RO Pro in dit soort zaken.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het geding.