Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2017:2868

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 november 2017
Publicatiedatum
14 november 2017
Zaaknummer
15/05949
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt beroep in cassatie in woningovervalzaak wegens falende bewijsklacht medeplegen

In deze zaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag betreffende een woningoverval. De verdediging voerde een middel van cassatie aan gericht op de bewijskracht omtrent medeplegen.

De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelt dat het middel niet tot cassatie kan leiden omdat het niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling, conform artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering.

Daarom wordt het beroep verworpen zonder nadere motivering. Het arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en raadsheren Y. Buruma en M.J. Borgers en uitgesproken in een openbare terechtzitting op 14 november 2017.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen wegens falende bewijsklacht medeplegen.

Uitspraak

14 november 2017
Strafkamer
nr. S 15/05949
ABO
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 18 december 2015, nummer 22/001540-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft D.W.H.M. Wolters, advocaat te Hoofddorp, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
14 november 2017.