Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
21 maart 2017.
Hoge Raad
Betrokkene stelde cassatieberoep in tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel werd toegewezen. Het geschil betrof onder meer de berekening van het voordeel, waarbij variabele kosten en het aantal oogsten uit een rapport van BOOM uit 2005 werden betrokken.
De advocaat-generaal concludeerde tot verwerping van het beroep, waarop de raadsman schriftelijk reageerde. De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 21 maart 2017. Hiermee werd het beroep van betrokkene verworpen en bleef het hofarrest in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hofarrest inzake ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel blijft in stand.