Belanghebbende, [X] B.V., heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 26 februari 2016, waarin het hoger beroep tegen een boetebeschikking over het jaar 2010 werd behandeld.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, is geen nadere motivering gegeven omdat de middelen geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad heeft tevens besloten dat er geen aanleiding is om proceskosten aan belanghebbende toe te wijzen.
Het arrest is uitgesproken door de vice-president Overgaauw als voorzitter en de raadsheren Van Loon en Van Hilten op 31 maart 2017, waarbij het beroep in cassatie ongegrond werd verklaard.