Uitspraak
[X] B.V.te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Arnhem-Leeuwardenvan 22 november 2016, nr. 15/01194, betreffende van belanghebbende geheven leges.
Hoge Raad
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 22 november 2016 betreffende geheven leges. De Hoge Raad heeft het beroep beoordeeld op ontvankelijkheid en geoordeeld dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen. Dit omdat belanghebbende klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en na advies van de Procureur-Generaal heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. De uitspraak werd gedaan in aanwezigheid van de raadsheren Wortel, Groeneveld en Beukers-van Dooren en de waarnemend griffier Treuren.
De beslissing betekent dat het cassatieberoep niet inhoudelijk is behandeld en dat de uitspraak van het hof in stand blijft. De procedure is hiermee definitief afgesloten zonder inhoudelijke beoordeling van de klachten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard.