ECLI:NL:HR:2017:865

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 mei 2017
Publicatiedatum
12 mei 2017
Zaaknummer
16/01259
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling van zaaksvermenging en verrekeningsbevoegdheid jegens curator in insolventierecht

In deze zaak stond een geschil centraal tussen Sortiva Papier en Kunststoffen B.V., [eiseres 2] en de curator in de faillissementen van VAOP Oud Papier B.V. en Coöperatieve Vereniging VAOP U.A. Het betrof een cassatieprocedure tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam over de toepassing van zaaksvermenging en de verrekeningsbevoegdheid jegens de curator, alsmede het retentierecht.

De Hoge Raad verwees naar eerdere vonnissen en het arrest van het hof voor de feiten en het verloop van de procedure. Zowel het principale cassatieberoep van Sortiva en [eiseres 2] als het incidentele cassatieberoep van de curator werden behandeld. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van beide beroepen.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten geen aanleiding geven tot cassatie, mede omdat deze niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De beroepen werden verworpen en de proceskosten werden aan beide zijden toegewezen volgens de gebruikelijke normen.

Het arrest werd uitgesproken door raadsheer G. de Groot namens de kamer, met als raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens (voorzitter), G. Snijders en M.J. Kroeze. Hiermee werd het arrest van het gerechtshof Amsterdam bekrachtigd.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het principale en incidentele cassatieberoep en bekrachtigt het arrest van het gerechtshof Amsterdam.

Uitspraak

12 mei 2017
Eerste Kamer
16/01259
TT/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. SORTIVA PAPIER EN KUNSTSTOFFEN B.V.,
gevestigd te Wognum, gemeente Medemblik,
2. [eiseres 2],
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERESSEN tot cassatie, verweersters in het incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. K. Aantjes,
t e g e n
Mr. Terry STEFFENS, in zijn hoedanigheid van curator in de faillissementen van VAOP Oud Papier B.V. en Coöperatieve Vereniging VAOP U.A.,
kantoorhoudende te Amsterdam,
VERWEERDER in cassatie, eiser in het incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. J.P. Heering.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Sortiva en [eiseres 2] en de curator.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/14/145426/HA ZA 13-115 van de rechtbank Noord-Holland van 14 augustus 2013 en 29 januari 2014;
b. het arrest in de zaak 200.148.232/01 van het gerechtshof Amsterdam van 8 december 2015.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben Sortiva en [eiseres 2] beroep in cassatie ingesteld. De curator heeft incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor de curator mede door mr. P.J. Tanja.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt zowel in het principale als in het incidentele beroep tot verwerping.
De advocaat van Sortiva en [eiseres 2] heeft bij brief van 29 maart 2017 op die conclusie gereageerd.

3.Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
in het principale beroep:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Sortiva en [eiseres 2] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 2.028,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris;
in het incidentele beroep:
verwerpt het beroep;
veroordeelt de curator in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Sortiva en [eiseres 2] begroot op € 68,07 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op
12 mei 2017.