Uitspraak
1.Geding in cassatie
3.Beslissing
23 mei 2017.
Hoge Raad
De zaak betreft het cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 10 mei 2016, waarin hij werd veroordeeld voor medeplegen en medeplichtigheid aan medeplegen van moord in Antwerpen.
De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging, met een voorstel tot vermindering van de straf, maar tot verwerping van het beroep voor het overige. De raadsman van verdachte heeft hier schriftelijk op gereageerd.
De Hoge Raad oordeelt dat de middelen van cassatie niet leiden tot cassatie en dat nadere motivering niet nodig is omdat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde zijn.
Daarmee wordt het beroep verworpen en blijft het arrest van het Gerechtshof Amsterdam in stand. De uitspraak is gedaan door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting op 23 mei 2017.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam wordt bevestigd.