ECLI:NL:HR:2018:1907

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 oktober 2018
Publicatiedatum
11 oktober 2018
Zaaknummer
17/04606
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatie in geschil over gesimuleerde arbeidsovereenkomst

In deze zaak stond centraal of tussen partijen daadwerkelijk een arbeidsrelatie bestond of dat de arbeidsovereenkomst slechts was gesimuleerd met het oog op het verkrijgen van een verblijfsvergunning. De kantonrechter en het gerechtshof 's-Hertogenbosch hadden eerder geoordeeld dat sprake was van simulatie van de arbeidsovereenkomst.

Eiser stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof, maar de Hoge Raad concludeerde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden. De klachten waren niet zodanig dat beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling noodzakelijk was.

De Hoge Raad verwierp het beroep en veroordeelde eiser in de kosten van het cassatiegeding. Hiermee werd het oordeel van het hof bekrachtigd dat de arbeidsovereenkomst niet reëel was, maar was gesimuleerd met het doel het verkrijgen van een verblijfsvergunning.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de arbeidsovereenkomst gesimuleerd was.

Uitspraak

12 oktober 2018
Eerste Kamer
17/04606
EV/AR
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. J.W. de Jong,
t e g e n
FREEDOM REAL ESTATE B.V.,
gevestigd te Bergen op Zoom,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaten: mr. A.C. van Schaick en mr. N.E. Groeneveld-Tijssens.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en FRE.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak 3682113 CV EXPL 14-7018 van de kantonrechter te Bergen op Zoom van 4 november 2015;
b. het arrest in de zaak 200.187.439/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 27 juni 2017.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
FRE heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [eiser] mede door mr. J.L. Luiten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van FRE begroot op € 2.672,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op
12 oktober 2018.