Uitspraak
1.De bestreden uitspraak
2.Geding in cassatie
- aanzienlijk - is, staat dat in de weg aan het aannemen dat sprake is van hetzelfde feit in het kader van het ne bis in idem-beginsel. Het gaat daarbij om een afweging tussen de juridische component en de feitelijke component, waarbij soms één van die twee componenten de overhand heeft en de andere component daar onvoldoende tegenover stelt.
4.Juridisch kader en wetsgeschiedenis
5.Beoordeling van het middel
NJ 2015/256. In dat verband geldt dat zich met betrekking tot de afstemming tussen enerzijds het civielrechtelijke traject en anderzijds het strafrechtelijke traject zoals dat in de onderhavige zaak aan de orde is, geen wezenlijke samenloopproblemen voordoen als in dat arrest bedoeld, mede omdat het in de rede ligt dat de strafrechter de toegepaste lijfsdwang als relevante omstandigheid bij de strafoplegging betrekt.
6.Slotsom
7.Beslissing
13 november 2018.