ECLI:NL:HR:2018:2138

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 november 2018
Publicatiedatum
19 november 2018
Zaaknummer
17/01285
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 26.1 WWMArt. 344.1.5 SvArt. 81.1 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie tegen arrest over voorhanden hebben automatisch vuurwapen en munitie

De verdachte, geboren in 1973, stelde cassatieberoep in tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 1 maart 2017, waarin hij werd veroordeeld voor het voorhanden hebben van een automatisch vuurwapen en munitie, zoals bedoeld in artikel 26, lid 1, van de Wet wapens en munitie (WWM).

Het cassatieberoep richtte zich onder meer op de vraag of een niet-ondertekend rapport van dactyloscopisch onderzoek als “ander geschrift” in de zin van artikel 344, lid 1, sub 5, van het Wetboek van Strafvordering kon worden aangemerkt. De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad verwierp het beroep en bevestigde daarmee het arrest van het Gerechtshof. De uitspraak werd gedaan door de vice-president van Schendel als voorzitter en de raadsheren Buruma en Claassens, tijdens een openbare terechtzitting op 20 november 2018.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het Gerechtshof Den Haag bevestigd.

Uitspraak

20 november 2018
Strafkamer
nr. S 17/01285
EC/CB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 1 maart 2017, nummer 22/005720-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft P.J.W. de Water, advocaat te Katwijk, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De plaatsvervangend Advocaat-Generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
20 november 2018.