Uitspraak
gevestigd te Hoorn,
handelend onder de naam [A] ,
wonende te [woonplaats] ,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
- i) [verweerder] legt zich toe op het ontwerpen, doen produceren en aan detaillisten verkopen van poloshirts onder de merknaam [A] . JED richt zich op de productie en groothandel in modekleding. Indirect bestuurder van JED is [betrokkene 1] .
- ii) Naar aanleiding van contacten vanaf juni 2012 tussen [verweerder] en [betrokkene 2] , zoon van [betrokkene 1] , is op 28 december 2012 een overeenkomst tussen [verweerder] en JED tot stand gekomen, waarbij JED zich verbond tot levering aan [verweerder] van 1750 piqué polo’s en 750 jersey polo’s op 27 februari 2013.
- iii) Op 12 maart 2013 heeft [betrokkene 2] aan [verweerder] een e-mail gestuurd met onder meer de volgende inhoud:
Wij verwachten een deel van de goederen pas te gaan leveren 19 Maart. En de andere deel 26 Maart. (…)
De goederen worden ingevlogen op mijn kosten. De goederen die 19 maart worden geleverd zit 10% korting op en de goederen die 26 maart wordt geleverd met 15% korting. (…).”
- iv) Op 21 maart 2013 zijn 451 polo’s aan [verweerder] geleverd en gefactureerd. In een uitsluitend op die levering betrekking hebbende procedure is in rechte vastgesteld dat 55 van de geleverde polo’s niet aan de eisen voldoen, is de overeenkomst met betrekking tot deze 55 polo’s ontbonden en is [verweerder] veroordeeld tot betaling van de overige (396) geleverde polo’s. Deze zijn door [verweerder] inmiddels betaald.
- v) Op 26 maart 2013 heeft [betrokkene 2] een e-mail aan [verweerder] gestuurd waarin onder meer is opgenomen:
Ze moeten precies werken en weten wat ze doen!
Iedere dag later komt er 5% korting per dag bij.
Alle transport kosten zijn uiteraard voor jullie rekening.
4.Beslissing
7 december 2018.