Uitspraak
[verzoeker]te
[woonplaats], verder te noemen verzoeker.
1.De procedure
2.De ontvankelijkheid
Verzoeker vraagt om die reden een nieuwe meervoudige zetel voor de behandeling van het beroep in cassatie samen te stellen.
Hoge Raad
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de leden van de Hoge Raad die een cassatieberoep behandelen. Dit verzoek was gebaseerd op een vermeende onzorgvuldige en oneerlijke rechtsgang, omdat een termijn voor het indienen van een nadere motivering nog liep ten tijde van de mededeling over de samenstelling van de raadsheren.
Na ontvangst van het wrakingsverzoek heeft de waarnemend griffier erkend dat door een administratieve vergissing een termijnverlenging over het hoofd was gezien en niet aan de raadsheren was meegedeeld. Vervolgens is een nieuwe meervoudige zetel samengesteld, waardoor de aanvullende stukken alsnog konden worden behandeld.
Gezien deze omstandigheden heeft verzoeker geen belang meer bij het wrakingsverzoek. De Hoge Raad verklaart daarom het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk. De beslissing is genomen door drie vicepresidenten en raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek van verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van belang.