ECLI:NL:HR:2018:377

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 maart 2018
Publicatiedatum
20 maart 2018
Zaaknummer
16/01942
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 180 SrArt. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak wederspannigheid wegens falende klachten over bewijsvoering

De Hoge Raad heeft op 20 maart 2018 het cassatieberoep van verdachte verworpen in een strafzaak over wederspannigheid. Het beroep was gericht tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 5 april 2016.

De klachten van de verdediging richtten zich op het overnemen van de inhoud van de b.m. uit het vonnis van de rechtbank, terwijl deze inhoud niet in het arrest van het hof was opgenomen. De Hoge Raad oordeelde dat deze klachten falen omdat de bewezenverklaring en de strafmotivering in het arrest voldoende zijn en het beroep geen aanleiding geeft tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Advocaat-Generaal had geconcludeerd tot verwerping van het beroep, en de Hoge Raad volgde dit advies. Het arrest werd gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel en raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen, het arrest van het hof blijft in stand.

Uitspraak

20 maart 2018
Strafkamer
nr. S 16/01942
SLU
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 5 april 2016, nummer 23/001337-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft D.E. Wiersum, advocaat te Haarlem, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
20 maart 2018.