ECLI:NL:HR:2018:837

Hoge Raad

Datum uitspraak
5 juni 2018
Publicatiedatum
5 juni 2018
Zaaknummer
17/00367
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in zaak medeplegen criminele organisatie en valsheid in geschrifte

De zaak betreft het cassatieberoep van een verdachte die werd veroordeeld voor deelname aan een criminele organisatie die zich jarenlang bezighield met fraude met kinderopvangtoeslagen, sealbagfraude en witwassen. Daarnaast werd verdachte veroordeeld voor medeplegen van opzettelijk gebruik van vals geschrift en gewoontewitwassen.

Het cassatieberoep is ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 januari 2017. De verdediging voerde verschillende middelen aan, waaronder verzoeken tot het horen van de vader van de verdachte als getuige met betrekking tot het witwassen. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad oordeelt dat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden en dat nadere motivering niet nodig is omdat er geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling spelen. Het beroep wordt dan ook verworpen.

De strafoplegging door het hof, waarbij geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf werd opgelegd, blijft daarmee in stand. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren van de Hoge Raad in aanwezigheid van de waarnemend griffier.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden blijft in stand.

Uitspraak

5 juni 2018
Strafkamer
nr. S 17/00367
CeH/EC
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 18 januari 2017, nummer 21/007117-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft P. van de Kerkhof, advocaat te Tilburg, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A. El Mokhtari, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
5 juni 2018.