ECLI:NL:HR:2018:87

Hoge Raad

Datum uitspraak
23 januari 2018
Publicatiedatum
24 januari 2018
Zaaknummer
16/01990
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake medeplegen verduistering en witwassen

De Hoge Raad heeft op 23 januari 2018 het cassatieberoep van de verdachte verworpen in een strafzaak over feitelijk leidinggeven aan medeplegen van verduistering en witwassen van grote contante geldbedragen. De zaak betrof het niet overmaken van gelden aan de rechthebbende op grond van remboursovereenkomsten.

De verdachte, geboren in 1966, was in hoger beroep door het Gerechtshof Den Haag veroordeeld. Het cassatieberoep werd ingesteld door de verdachte en ondersteund door zijn advocaat. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen; het arrest van het hof blijft in stand.

Uitspraak

23 januari 2018
Strafkamer
nr. S 16/01990
NA/AGE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 29 maart 2016, nummer 22/005420-11, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft A.P. Stipdonk, advocaat te Leiden, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.T. Boerlage, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
23 januari 2018.