ECLI:NL:HR:2018:987
Hoge Raad
- Cassatie
- J. de Hullu
- A.J.A. van Dorst
- A.E.M. Röttgering
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in gewoonteheling auto-onderdelen
De verdachte werd veroordeeld voor gewoonteheling van een grote hoeveelheid auto-onderdelen, in strijd met artikel 417 Sr Pro. Hij stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 22 maart 2016.
De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie, behalve het middel over de redelijke termijn, niet tot cassatie konden leiden. Het middel over de overschrijding van de redelijke termijn was gegrond omdat de stukken te laat door het hof waren ingezonden en de uitspraak meer dan twee jaar na het instellen van het cassatieberoep volgde.
Hierdoor werd de opgelegde gevangenisstraf van twintig maanden, waarvan vijf maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, verminderd tot achttien maanden en twee weken, waarvan vijf maanden voorwaardelijk met dezelfde proeftijd. Het beroep werd voor het overige verworpen.
De Hoge Raad vernietigde het bestreden arrest uitsluitend wat betreft de strafduur en bevestigde het verder. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren op 26 juni 2018.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot achttien maanden en twee weken wegens overschrijding van de redelijke termijn.