ECLI:NL:HR:2019:1008
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in belastingzaak
In deze zaak heeft belanghebbende beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant betreffende verzet tegen een eerdere uitspraak. De Hoge Raad heeft beoordeeld of het beroep ontvankelijk is.
De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat belanghebbende klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het beroep of omdat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden. Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en na advies van de Procureur-Generaal wordt het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Het arrest is op 21 juni 2019 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang of omdat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden.