Uitspraak
RREST
Hoge Raad
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 15 november 2018, waarin het hoger beroep tegen de uitspraak van de Rechtbank Limburg over de aanslag rioolheffing 2015 werd behandeld.
De Hoge Raad beoordeelde de ingediende klachten, maar oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie was nadere motivering niet vereist, omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het cassatieberoep ongegrond. Hiermee blijft de uitspraak van het Gerechtshof in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof blijft in stand.