ECLI:NL:HR:2019:1090
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J. Koopman
- P.M.F. van Loon
- L.F. van Kalmthout
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende, Stichting [X], had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland inzake kosten van vervolging opgelegd door de Staatssecretaris van Financiën. De Hoge Raad stelde belanghebbende bij brief van 19 oktober 2018 in kennis van de verschuldigdheid van griffierecht en gaf een termijn van vier weken voor betaling.
De griffierechtbetaling bleef uit, ondanks dat de brief volgens Track&Trace was ontvangen. Bij brief van 21 november 2018 werd belanghebbende verzocht te verklaren waarom niet was betaald. De door belanghebbende aangevoerde redenen in haar brief van 19 december 2018 werden niet als voldoende geacht om het verzuim te rechtvaardigen.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het arrest werd uitgesproken op 5 juli 2019 door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.