Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2019:1171

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 juli 2019
Publicatiedatum
11 juli 2019
Zaaknummer
18/02703
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 3:44 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in geschil over kredietopzegging en zorgplicht bank

In deze zaak stond de opzegging van een krediet en de executie van zekerheden door Banco di Caribe centraal, waarbij Daysun c.s. de bank beschuldigden van misbruik van omstandigheden en onrechtmatige daad. De procedure begon bij het gerecht in eerste aanleg van Curaçao, waarna het geschil werd voortgezet bij het gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Daysun c.s. stelden dat de bank haar zorgplicht had geschonden en dat sprake was van misbruik van omstandigheden in de zin van artikel 3:44 BW Pro. De Hoge Raad heeft in cassatie het beroep van Daysun c.s. verworpen, waarbij zij verwees naar artikel 81 lid 1 RO Pro en oordeelde dat de klachten geen aanleiding geven tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad bevestigde daarmee het oordeel van het hof en veroordeelde Daysun c.s. tot betaling van de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer onder voorzitterschap van vicepresident Numann en raadsheren Heisterkamp, Polak, Kroeze en Wattendorff.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van Daysun c.s. en bevestigt het oordeel van het hof.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer18/02703
Datum12 juli 2019
ARREST
In de zaak van
1. DAYSUN REALTY CORPORATION N.V.,
gevestigd in Curaçao,
2. REWACHAND FREE ZONE N.V.,
gevestigd in Curaçao,
3. CRISTAL RESTAURANTS N.V.,
gevestigd in Curaçao,
4. NISHI N.V.,
gevestigd in Curaçao,
5. ATRIUM SPA FITNESS N.V.,
gevestigd in Curaçao,
VERZOEKSTERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: Daysun c.s.,
advocaat: mr. M.E. Bruning,
tegen
BANCO DI CARIBE N.V.,
gevestigd in Curaçao,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Banco di Caribe,
advocaat: mr. R.S. Meijer.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak AR 58467/2012 van het gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 29 september 2014 en 28 november 2016;
b. het vonnis in de zaak AR 58467/12 - H 74/17 van het gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 20 maart 2018;
Daysun c.s. hebben tegen het vonnis van het gemeenschappelijk Hof beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Banco di Caribe heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De zaak is voor Banco di Caribe toegelicht door haar advocaat en mede door mr. E.J. Teijgeler.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Daysun c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Daysun c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Banco Di Caribe begroot op € 865,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, M.V. Polak, M.J. Kroeze en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op
12 juli 2019.