ECLI:NL:HR:2019:1209
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens ontbreken volmacht
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen uitspraken van de Rechtbank Den Haag betreffende aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. De Hoge Raad verzocht de indiener van het beroepschrift om binnen zes weken een bewijsstuk te overleggen dat hij bevoegd was het beroep in cassatie in te dienen. Ondanks de verzending van dit verzoek en de bevestiging van ontvangst, werd geen machtiging of instemmingsverklaring overgelegd.
De Hoge Raad concludeerde daarom dat de indiener niet bevoegd was om het beroep in cassatie in te dienen en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest werd uitgesproken door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools op 12 juli 2019.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een bewijs van volmacht.