ECLI:NL:HR:2019:1269
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in belastingzaak
In deze zaak heeft belanghebbende beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch inzake een verzoek tot herziening van een eerdere uitspraak. De Hoge Raad heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld op ontvankelijkheid en geoordeeld dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen. Dit omdat belanghebbende klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het beroep of omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad heeft op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie, na advies van de Procureur-Generaal, het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten.
Het arrest is gewezen door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools en in het openbaar uitgesproken op 19 juli 2019. Hiermee is de procedure in cassatie definitief beëindigd zonder inhoudelijke behandeling van de klachten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang of omdat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden.