ECLI:NL:HR:2019:1273
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in belastingzaak
Belanghebbenden, X1 en X2, hebben beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake een belastinggeschil. De Hoge Raad heeft het beroep beoordeeld en geoordeeld dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen. Dit komt doordat de belanghebbenden klaarblijkelijk onvoldoende belang hebben bij het beroep of omdat de klachten evident niet tot cassatie kunnen leiden.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad, na advies van de Procureur-Generaal, het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding gezien om proceskosten aan de partijen toe te rekenen.
Het arrest is op 19 juli 2019 in het openbaar uitgesproken door de raadsheer Wortel als voorzitter, samen met de raadsheren Beukers-van Dooren en Cools, in aanwezigheid van de waarnemend griffier Treuren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang of omdat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden.