ECLI:NL:HR:2019:1334
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep in cassatie wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende, woonachtig in het buitenland, heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep inzake een besluit van de Sociale Verzekeringsbank op grond van de Algemene Ouderdomswet.
De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het beroep en constateerde dat belanghebbende geen domicilieadres in Nederland had opgegeven en het griffierecht niet had betaald. Ondanks meerdere aanmaningen en de mogelijkheid om betalingsonmacht te bewijzen, werd het griffierecht niet voldaan.
Hierdoor werd het beroep in cassatie op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad zag geen aanleiding om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten.
Het arrest werd uitgesproken door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools op 13 september 2019.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.