Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de klacht
Het Hof heeft geoordeeld dat de vooraankondiging van 6 december 2017 niet kan worden aangemerkt als een uitnodiging voor de zitting als bedoeld in artikel 8:56 Awb Pro en dat de uitspraak van de Rechtbank niet de feiten inhoudt waaruit blijkt dat de aan belanghebbende gerichte uitnodiging voor de zitting tijdig en op regelmatige wijze op het betrokken adres is aangeboden.
Het Hof heeft aan het voorgaande de conclusie verbonden dat de uitspraak van de Rechtbank in beginsel dient te worden vernietigd.