ECLI:NL:HR:2019:1430
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- R.J. Koopman
- P.M.F. van Loon
- L.F. van Kalmthout
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot herziening van arrest Hoge Raad afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid
Belanghebbende heeft bij de Hoge Raad een verzoek tot herziening ingediend van het arrest van 16 november 2018. Dit verzoek is beoordeeld aan de hand van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en artikel 8:119, lid 1, van de Algemene wet bestuursrecht.
De Hoge Raad oordeelt dat het verzoek geen behandeling in cassatie rechtvaardigt omdat het verzoekschrift geen nieuwe feiten of omstandigheden bevat die tot herziening kunnen leiden. Daarom wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 27 september 2019.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard en afgewezen.