ECLI:NL:HR:2019:1598
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in belastingzaak personenauto’s en motorrijwielen
Belanghebbende, een vennootschap onder firma, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Deze uitspraak betrof een hoger beroep tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland over een door belanghebbende op aangifte voldaan bedrag aan belasting van personenauto’s en motorrijwielen.
Zowel de Staatssecretaris van Financiën als de Minister van Justitie en Veiligheid dienden verweerschriften in, waarop belanghebbende en de Minister van Justitie en Veiligheid respectievelijk een conclusie van repliek en dupliek indienden. De Hoge Raad oordeelde dat de voorgestelde middelen niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president R.J. Koopman en raadsheren E.N. Punt en M.E. van Hilten op 18 oktober 2019.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het gerechtshof blijft in stand.