ECLI:NL:HR:2019:1865

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 november 2019
Publicatiedatum
27 november 2019
Zaaknummer
18/01081
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake bindende tariefinlichting

Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam. Deze uitspraak betrof het hoger beroep van belanghebbende tegen een beschikking van de Staatssecretaris van Financiën over een bindende tariefinlichting.

De Hoge Raad heeft het middel van belanghebbende beoordeeld aan de hand van de gronden die reeds in een gelijktijdig arrest (nummer 18/01048) zijn toegelicht. Op basis daarvan heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie verworpen.

De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Hiermee werd de uitspraak van het Gerechtshof bevestigd en bleef de bindende tariefinlichting van de Staatssecretaris van Financiën in stand.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de beschikking van de Staatssecretaris blijft van kracht.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer18/01081
Datum29 november 2019
ARREST
in de zaak van
[X] B.V. te [Z] (hierna: belanghebbende)
tegen
de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 1 februari 2018, nr. 17/00193, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nr. HAA15/1274) betreffende de bij beschikking ten aanzien van belanghebbende gegeven bindende tariefinlichting.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

2.Beoordeling van het middel

Het middel faalt op de gronden die zijn vermeld in het arrest dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de zaak met nummer 18/01048 tussen dezelfde partijen.

3.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren E.N. Punt en M.E. van Hilten, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 29 november 2019.