ECLI:NL:HR:2019:1923

Hoge Raad

Datum uitspraak
10 december 2019
Publicatiedatum
6 december 2019
Zaaknummer
19/00302
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 94 SvArt. 94a SvArt. 552a Sv
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen beslaglegging op sloep in hennepteeltzaak

De zaak betreft een cassatieberoep tegen een beschikking van de Rechtbank Midden-Nederland over een klaagschrift tegen beslaglegging op een sloep, gelegd op grond van artikel 94 en Pro 94a van het Wetboek van Strafvordering in het kader van een onderzoek naar hennepteelt.

De klager betoogde onder meer dat de rechtbank ten onrechte niet op het klaagschrift had beslist en dat de maatstaf bij de beoordeling van het klaagschrift niet juist was toegepast. Tevens werd de vraag gesteld of de sloep als registergoed kon worden aangemerkt en of de motivering van het oordeel over het eigenaarschap voldoende was.

De Hoge Raad oordeelt dat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden en geeft geen nadere motivering, omdat de vragen niet van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het beroep wordt verworpen, waarmee het vonnis van de rechtbank in stand blijft.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking van de rechtbank blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer19/00302
Datum10 december 2019
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Midden‑Nederland, zittingsplaats Utrecht, van 18 december 2018, nummer RK 18/2036, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend
door
[klager],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,
hierna: de klager.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze hebben Th.J. Kelder en S.W.M. Stevens, beiden advocaat te 's‑Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
10 december 2019.