ECLI:NL:HR:2019:486

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 april 2019
Publicatiedatum
2 april 2019
Zaaknummer
17/02913
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in zaak opiumdelicten omtrent bewijsklacht over wetenschap van amfetaminebereiding

De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 6 april 2017, waarin het hof een veroordeling handhaafde in een strafzaak over opiumdelicten. Het geschil draait om de bewijsklacht dat verdachte niet zou hebben geweten dat de op zijn perceel aangetroffen voorwerpen bestemd waren voor het bereiden van amfetamine.

De advocaat van verdachte heeft namens hem een middel van cassatie ingediend, gericht op deze bewijsklacht. De Advocaat-Generaal heeft echter geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelt dat het middel niet tot cassatie kan leiden en dat geen nadere motivering nodig is omdat het middel geen rechtsvragen oproept die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering. Het beroep wordt verworpen, waarmee de uitspraak van het gerechtshof in stand blijft.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.

Uitspraak

2 april 2019
Strafkamer
nr. S 17/02913
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 6 april 2017, nummer 20/000236-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.J.N. Vermeij, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
2 april 2019.