Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het eerste middel
- voor zover voor de beoordeling van het middel van belang - het volgende overwogen:
VW Jetta naast elkaar staan op de [c-straat] . Ze horen schoten en zien de VW Jetta hard achteruit rijden. Na het schieten rijdt de VW Jetta weer naast de Fiat. Daarna rijden de beide auto's achter elkaar hard weg richting de Shell en de [wijk 1] , de VW Jetta voorop ( [getuige 1] p. 1217).
[slachtoffer 1] waren beschoten, zijn zij in de Opel weggereden. Eenmaal op de [e-straat] zagen [medeverdachte] en verdachte de auto van [slachtoffer 1] bij de kruising met de [c-straat] staan. Verdachte bracht de Opel tot stilstand. [medeverdachte] zou toen naar eigen zeggen hebben willen schieten met zijn zwarte pistool met geluiddemper, maar dit wapen weigerde dienst. Volgens [medeverdachte] werd er vervolgens vanuit de auto (waarin hij alleen met verdachte zat) in de richting van de auto met [slachtoffer 1] geschoten. Hij deed dat zelf niet en over het wapen waarmee dat gebeurde en over wie dat wapen hanteerde wil [medeverdachte] niet verklaren.
Opel Signum heeft stilgestaan, in één lijn via de plaats waar de Fiat 500 heeft stilgestaan een kogel is ingeslagen in de stam van een boom. Het hof neemt aan dat ook deze kogel is afgevuurd vanuit de Opel Signum op de Fiat 500.
- zakelijk weergegeven - inhoudende als relaas van verbalisant:
[slachtoffer 1] stapte immers uit zijn auto om te schieten. Dat zou hij niet hebben gedaan wanneer er eerst op hem zou zijn geschoten. Verder was er voor verdachte en [medeverdachte] niet een andere optie, omdat noch achteruitrijden noch vooruit wegrijden ertoe zou leiden dat zij zich aan een aanval konden onttrekken.
3.Beoordeling van het tweede middel
4.Beslissing
14 mei 2019.