ECLI:NL:HR:2019:945
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in bestuursrechtelijke belastingzaak
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam, waarin het verzet van belanghebbende tegen een eerdere uitspraak werd afgewezen. Het geschil betreft een bestuursrechtelijke kwestie binnen het belastingrecht, waarbij het dagelijks bestuur van het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht partij is.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Volgens artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie is nadere motivering niet vereist omdat de klachten geen rechtsvragen bevatten die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. Het arrest is gewezen door de raadsheer Wortel als voorzitter en de raadsheren Beukers-van Dooren en Cools, en in het openbaar uitgesproken op 14 juni 2019.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.