ECLI:NL:HR:2020:1065
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslag BPM
Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag die het hoger beroep van belanghebbende tegen een naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen (BPM) had afgewezen. De zaak betrof een geschil over de belastingheffing door de Staatssecretaris van Financiën.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. Het oordeel werd gegeven zonder nadere motivering, omdat de zaak geen vragen bevatte die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, zoals bedoeld in artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Er werd geen veroordeling in de proceskosten opgelegd. Het arrest werd op 19 juni 2020 in het openbaar uitgesproken door de Hoge Raad, waarbij de vice-president R.J. Koopman als voorzitter en de raadsheren E.N. Punt en M.E. van Hilten betrokken waren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag blijft in stand.