Uitspraak
1.De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
2.De aanvraag tot herziening
3.Bewezenverklaring en bewijsvoering
4.Beoordeling van de aanvraag
- (i) schriftelijke stukkenwaarin drie personen ([betrokkene 5], [betrokkene 6] en [betrokkene 7]) aangeven dat de medeverdachte [betrokkene 3] in [plaats] was vanwege een voetbalfeestje, en
- (ii) drie processen-verbaal, waarin door de opstellers daarvan een nadere toelichting wordt gegeven op enkele resultaten van het naar de woninginbraak verrichte onderzoek en nader wordt ingegaan op de (mogelijke) betekenis daarvan, en waarin de negatieve uitslag wordt vermeld van een vergelijkend werktuigsporenonderzoek van drie breekijzers en een schroevendraaier uit de Opel.
Bij de beoordeling van deze gronden moet worden vooropgesteld dat voor de beantwoording van de vraag of zij het hiervoor onder 4.1 aangeduide ernstige vermoeden wekken, de gehele bewijsvoering van het hof van belang is. Het gaat er dus om of de aangevoerde gronden, gelet op de door het hof gebruikte bewijsmiddelen en de door het hof gegeven nadere bewijsoverwegingen, een dergelijk vermoeden wekken.
5.Beslissing
8 september 2020.