ECLI:NL:HR:2020:1392

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 september 2020
Publicatiedatum
8 september 2020
Zaaknummer
20/01574
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 78 lid 4 Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie tegen bestuursrechtelijke uitspraak niet-ontvankelijk

Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen twee uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, waaronder een uitspraak op verzet. De Hoge Raad toetst de ontvankelijkheid van dit beroep aan artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie, waarin is bepaald dat de Hoge Raad alleen kennisneemt van cassatieberoepen tegen uitspraken van de bestuursrechter voor zover de wet dat toestaat.

Omdat er geen wettelijke bepaling bestaat die cassatie tegen uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State openstelt, verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen.

De uitspraak is gedaan door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools, en in het openbaar uitgesproken op 11 september 2020. Hiermee is het cassatieberoep definitief afgewezen zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een wettelijke grondslag.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer20/01574
Datum11 september 2020
ARREST
in de zaak van
[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 3 november 2016, nr. 201607191/2/A2, alsmede tegen de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 21 september 2017, nr. 201607191/3/A2, op het verzet van belanghebbende tegen de hiervoor vermelde uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

Ingevolge artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad enkel kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de bestuursrechter voor zover dit bij wet is bepaald. Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het beroep in cassatie dient derhalve niet-ontvankelijk te worden verklaard.

2.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 11 september 2020.