ECLI:NL:HR:2020:1573
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland inzake belastingrecht. Voor het indienen van het beroep moest griffierecht worden betaald. Belanghebbende deed een beroep op betalingsonmacht, maar heeft niet tijdig de benodigde verklaring omtrent afwezigheid van vermogen ingediend.
De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende meerdere malen aangeschreven, onder meer met een termijn van vier weken om het griffierecht te voldoen. Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet betaald. Belanghebbende heeft wel een brief gestuurd, maar de aangevoerde redenen waren niet voldoende om het verzuim te rechtvaardigen.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad heeft geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd en het reeds betaalde griffierecht van €12 wordt teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.