ECLI:NL:HR:2020:1575

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 oktober 2020
Publicatiedatum
7 oktober 2020
Zaaknummer
20/01272
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 80a Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingproceskostenzaak

Belanghebbende, een besloten vennootschap, had in hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam een verzoek ingediend tot veroordeling in proceskosten tegen de Staatssecretaris van Financiën. Na uitspraak van het hof werd door belanghebbende cassatieberoep ingesteld bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep inhoudelijk beoordeeld en geconstateerd dat het beroep duidelijk niet kan slagen. Op advies van de procureur-generaal is vervolgens besloten het beroep zonder nadere motivering niet-ontvankelijk te verklaren op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie.

Daarnaast heeft de Hoge Raad geoordeeld dat er geen aanleiding bestaat om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten van de cassatieprocedure. Het arrest is op 9 oktober 2020 in het openbaar gewezen door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer20/01272
Datum9 oktober 2020
ARREST
in de zaak van
[X] C.V. te [Z] (hierna: belanghebbende)
tegen
de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 13 februari 2020, nr. 18/00275 op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nr. 17/4140), betreffende een door belanghebbende gedaan verzoek om een veroordeling in de proceskosten.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur–generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.
De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet–ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 9 oktober 2020.