De zaak betreft een geschil tussen De Vereende N.V. en de curator in het faillissement van een vennootschap over de vraag of de taxateur een beroepsfout heeft gemaakt bij het taxeren van de waarde van een perceel. De Vereende stelde dat de curator door het plaatsen van de vordering van kopers op de lijst van voorlopig erkende crediteuren de aansprakelijkheid van de taxateur had erkend.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen en arresten van lagere instanties en beoordeelt de klachten over het arrest van het hof. De Hoge Raad oordeelt dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest en dat motivering niet nodig is omdat het niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt De Vereende in de kosten van het geding in cassatie. Het arrest is gewezen door de vicepresident en raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 9 oktober 2020.