ECLI:NL:HR:2020:1652
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake belasting personenauto's en motorrijwielen
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 10 september 2019, waarin het verzet van belanghebbende tegen een uitspraak over door hem betaalde belasting op personenauto's en motorrijwielen werd behandeld.
De Hoge Raad heeft het ingediende middel beoordeeld en geoordeeld dat dit middel niet kan leiden tot vernietiging van de uitspraak van de Rechtbank. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat het middel geen vragen opriep die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, zoals bedoeld in artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is op 23 oktober 2020 in het openbaar gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank Gelderland blijft in stand.