Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste en het tweede cassatiemiddel
Op grond van deze bewijsvoering heeft het hof geoordeeld dat de verdachte in [plaats] in vereniging met een of meer anderen hennep heeft geteeld en stroom heeft gestolen. In dit oordeel ligt besloten dat het hof geen geloof heeft gehecht aan de verklaring van de verdachte dat de hennepplantage in [plaats] er nog niet was toen hij er woonde en dat die er pas is gekomen nadat hij en [benadeelde] “trammelant” hadden. Deze oordelen zijn - ook in het licht van hetgeen namens de verdachte is aangevoerd - niet onbegrijpelijk.
3.Beoordeling van het derde cassatiemiddel
4.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
5.Beslissing
1 december 2020.