ECLI:NL:HR:2020:2077
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake belasting personenauto’s en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen de uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 29 oktober 2019. Deze uitspraak betrof het verzet van belanghebbende tegen de door haar op aangifte betaalde belasting op personenauto’s en motorrijwielen.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen van belanghebbende beoordeeld, maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van de Rechtbank. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motieven van dit oordeel nader toe te lichten, omdat de zaak niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest werd uitgesproken op 18 december 2020 door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank blijft in stand.