ECLI:NL:HR:2020:426
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens ontbreken volmacht
In deze zaak heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie beoordeeld dat was ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag inzake een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen.
De Hoge Raad heeft vastgesteld dat de indiener van het beroepschrift niet binnen de gestelde termijn een bewijsstuk heeft overgelegd waaruit blijkt dat hij bevoegd was om het beroep in cassatie in te dienen. Ondanks een aangetekende brief waarin dit werd verzocht, bleef een dergelijke volmacht of instemming van de gemachtigde uit.
Op grond hiervan heeft de Hoge Raad geconcludeerd dat de indiener van het beroepschrift niet bevoegd was, en heeft het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Het arrest is uitgesproken door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools op 13 maart 2020.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een bewijs van volmacht.