Uitspraak
1.Geding in cassatie
De Staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
Hoge Raad
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, die het hoger beroep behandelde tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland inzake een naheffingsaanslag omzetbelasting en de daarbij behorende belastingrente over de jaren 2012 en 2013.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. Omdat de klachten geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevatten, is geen nadere motivering vereist.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is gewezen door de raadsheren E.N. Punt (voorzitter), M.E. van Hilten en E.F. Faase, en in het openbaar uitgesproken op 3 april 2020.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.