ECLI:NL:HR:2020:642
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- R.J. Koopman
- P.M.F. van Loon
- L.F. van Kalmthout
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk inzake navorderingsaanslagen inkomstenbelasting
Belanghebbende was in cassatie gegaan tegen het arrest van het gerechtshof Den Haag waarin navorderingsaanslagen inkomstenbelasting, premie volksverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet over meerdere jaren waren bevestigd. De Hoge Raad heeft de middelen van belanghebbende beoordeeld en gelet op het advies van de procureur-generaal geconcludeerd dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen.
Daarom heeft de Hoge Raad op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen veroordeling in proceskosten uitgesproken. De uitspraak betreft een arrest van 10 april 2020, gewezen door de belastingkamer van de Hoge Raad.
Deze beslissing betekent dat de uitspraak van het gerechtshof stand houdt en dat de navorderingsaanslagen en de daarbij behorende beschikkingen over heffings- en belastingrente definitief zijn geworden. Het arrest bevestigt de strikte toetsing van ontvankelijkheid in cassatieprocedures op belastinggebied.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.