ECLI:NL:HR:2020:830

Hoge Raad

Datum uitspraak
1 mei 2020
Publicatiedatum
30 april 2020
Zaaknummer
19/00459
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 843a RvArt. 1019ie RvWet bescherming bedrijfsgeheimen
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake bewijsbeslag en proceskostenveroordeling Wet bescherming bedrijfsgeheimen

In deze civiele zaak heeft Heraeus Medical GmbH cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag dat eerder een geschil betrof over bewijsbeslag en de vereiste van bepaaldheid bij een inzagevordering op grond van art. 843a Rv.

De Hoge Raad verwijst naar eerdere uitspraken van de rechtbank Rotterdam en het gerechtshof Den Haag voor het geding in feitelijke instanties. De klachten van Heraeus worden door de Hoge Raad niet ontvankelijk verklaard omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht (art. 81 lid 1 RO Pro).

Biomet c.s. vorderen proceskostenveroordeling op grond van art. 1019ie Rv, dat is ingevoerd met de Wet bescherming bedrijfsgeheimen. Hoewel de toepasselijkheid van dit artikel op de onderhavige cassatieprocedure en vordering op grond van art. 843a Rv open kan blijven, ziet de Hoge Raad geen aanleiding om proceskosten toe te kennen op basis van dit artikel.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt Heraeus in de kosten van het geding tot een bedrag van €3.082,34, bestaande uit verschotten en salaris advocaat. Het arrest is gewezen door de vicepresident en vier raadsheren en in het openbaar uitgesproken door raadsheer du Perron.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt Heraeus in de proceskosten ten gunste van Biomet c.s.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer19/00459
Datum1 mei 2020
ARREST
In de zaak van
HERAEUS MEDICAL GMBH,
gevestigd te Wehrheim, Duitsland,
EISERES tot cassatie,
hierna: Heraeus,
advocaat: F.E. Vermeulen,
tegen
1. BIOMET GLOBAL SUPPLY CHAIN CENTER B.V.,
gevestigd te Dordrecht,
2. ZIMMER BIOMET NEDERLAND B.V., als rechtsopvolger onder algemene titel van Biomet Europe B.V.,
gevestigd te Dordrecht,
3. BIOMET HOLDINGS B.V.,
gevestigd te Dordrecht,
4. ZIMMER EUROPE HOLDINGS B.V., in liquidatie,
gevestigd te Amsterdam,
5. ZIMMER BIOMET ASIA HOLDING B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: Biomet c.s.,
advocaat: T. Cohen Jehoram.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak C/10/516787/KG ZA 16-1449 van de rechtbank Rotterdam van 13 maart 2017;
het arrest in de zaak 200.215.824/01 van het gerechtshof Den Haag van 4 december 2018.
Heraeus heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Biomet c.s. hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaten van partijen hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De klachten van het middel kunnen niet tot cassatie leiden. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie art. 81 lid 1 RO Pro).

3.Proceskosten

3.1
Biomet c.s. vorderen veroordeling van Heraeus in de proceskosten, te begroten op de voet van art. 1019ie Rv, tot een bedrag van € 19.980,50. Heraeus verzet zich tegen toepassing van art. 1019ie Rv.
3.2.1
Art. 1019ie Rv is ingevoerd bij de Wet bescherming bedrijfsgeheimen (Wbb). [1] Het voorschrift verleent de rechter de bevoegdheid een proceskostenveroordeling uit te spreken als daarin bedoeld, maar verplicht hem daartoe niet.
3.2.2
In het midden kan blijven of art. 1019ie Rv, in werking getreden op 23 oktober 2018, [2] van toepassing is op de onderhavige, nadien aangevangen cassatieprocedure en of het zich uitstrekt tot een vordering of verzoek op de voet van art. 843a Rv van een partij die haar wederpartij beticht van het schenden van bedrijfsgeheimen, nu de Hoge Raad, ook indien dat alles het geval is, in deze zaak geen aanleiding ziet tot toekenning van een proceskostenveroordeling als in art. 1019ie Rv bedoeld.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Heraeus in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Biomet c.s. begroot op € 882,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren M.V. Polak, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op
1 mei 2020.

Voetnoten

1.Wet van 17 oktober 2018, Stb
2.Besluit van 17 oktober 2018, Stb. 2018, 370.