ECLI:NL:HR:2020:847

Hoge Raad

Datum uitspraak
26 mei 2020
Publicatiedatum
11 mei 2020
Zaaknummer
19/01573
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 141 Sr
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Cassatie over openlijke geweldpleging door beveiligers tijdens staking vrachtwagenchauffeurs

In deze strafzaak stond openlijke geweldpleging centraal, gepleegd door een groep beveiligers die waren ingehuurd door een transportbedrijf. Dit gebeurde in het kader van een conflict met vrachtwagenchauffeurs die zichzelf hadden opgesloten in hun cabines tijdens een staking. De verdachte werd ervan verdacht deel uit te maken van deze groep beveiligers die geweld pleegde.

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch had de verdachte veroordeeld, maar deze stelde cassatieberoep in. De Hoge Raad heeft de klachten van de verdediging beoordeeld, met name over het oordeel dat de beveiligers het feit hadden gepleegd en dat verdachte deel uitmaakte van deze groep.

De Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet leiden tot vernietiging van het hofarrest en dat motivering niet noodzakelijk is omdat het geen vragen betreft die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Het cassatieberoep werd derhalve verworpen.

Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren, waarmee de strafrechtelijke uitspraak van het hof werd bekrachtigd.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bevestigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer19/01573
Datum26 mei 2020
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 17 oktober 2018, nummer 20-003605-15, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G.J.J.G. Stevens-Waltmans, advocaat te Roermond, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
26 mei 2020.