Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het tweede en het derde cassatiemiddel
3.Beoordeling van de cassatiemiddelen voor het overige
4.Beslissing
26 mei 2020.
Hoge Raad
De Hoge Raad heeft op 26 mei 2020 het arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 12 april 2019 vernietigd voor zover het betrekking heeft op de bewezenverklaring van deelname aan een criminele organisatie en medeplegen van bedrijfsmatige hennepteelt. De bewezenverklaring van de feiten 1 tot en met 4 werd onvoldoende gemotiveerd, met name door het ontbreken van een adequate onderbouwing van de gebruikte bewijsmiddelen in het licht van de Promis-werkwijze.
De advocaat-generaal concludeerde dat het hof had nagelaten de redengevende inhoud van de belangrijkste bewijsmiddelen, zoals tapgesprekken en forensisch onderzoek, voldoende weer te geven. Hierdoor was niet controleerbaar of de bewezenverklaring op de juiste gronden was gebaseerd. Dit betrof essentiële aspecten van de criminele organisatie en de rol van de verdachte.
De Hoge Raad volgde deze conclusie en vernietigde het arrest voor zover het de feiten 1 tot en met 4 en de strafoplegging betrof. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor een nieuwe beoordeling en afdoening. Het beroep werd voor het overige verworpen.
Deze uitspraak benadrukt het belang van een gedegen motivering bij toepassing van de Promis-werkwijze en de noodzaak dat de rechterlijke motivering inzichtelijk maakt op welke bewijsmiddelen de bewezenverklaring is gebaseerd.
Uitkomst: Arrest van het hof vernietigd voor bewezenverklaring en strafoplegging feiten 1-4, zaak terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.