ECLI:NL:HR:2020:952
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Stichting X heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland betreffende verzet tegen een eerdere uitspraak. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht en een termijn van vier weken gesteld. Hoewel de brief is ontvangen, is het griffierecht niet voldaan.
Vervolgens is belanghebbende opnieuw aangeschreven met een termijn om te verklaren waarom het griffierecht niet tijdig was betaald. Ook deze brief is ontvangen, maar belanghebbende heeft niet tijdig gereageerd. Een brief die na de gestelde termijn binnenkwam, is buiten beschouwing gelaten.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is op 29 mei 2020 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.