ECLI:NL:HR:2021:1011
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake verzet tegen een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een boetebeschikking. De zaak betreft een fiscale bestuursrechtelijke procedure waarbij de Rechtbank de aanslag en boete heeft bevestigd.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van de Rechtbank. De Hoge Raad heeft hierbij geen nadere motivering gegeven, omdat de zaak geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevat, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 25 juni 2021.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.