ECLI:NL:HR:2021:1055
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over aanslag onroerendezaakbelasting gemeente Utrecht 2017
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden dat het hoger beroep behandelde tegen een uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland. De zaak betrof een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken en de aanslag onroerendezaakbelasting van de gemeente Utrecht over het jaar 2017.
De Hoge Raad heeft de aangevoerde klachten beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet nodig om de motivering van dit oordeel te geven omdat het niet ging om vragen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder wees de Hoge Raad een veroordeling in proceskosten af en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest werd op 2 juli 2021 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.